Musicalnieuws
Synopsis

In het M-Lab worden nieuwe voorstellingen uitgeprobeerd. Wie naar het M-Lab komt, zit bovenop de ontwikkeling, ziet het nieuwe repertoire als eerste. Maar M-Lab produceert ook bijzondere, bestaande voorstellingen van hoog artistiek niveau, die moeilijk…
Start > Producties > 2007 > Oorspronkelijk > M-Lab
Over...

 
producent:
M-Lab
jaar:
2007
duur:
pauze:
Onbekend
genre:
Oorspronkelijk
score:
0star
websites:


Geheimen in de tuin van M-Lab


Artikel: Reportage
Voorstelling: Repetitie
Datum: 20 nov 2009
Theater: M-Lab
Lokatie: Amsterdam
Website: http://www.m-lab.nl
Auteur: Frans P. Wollrabe

Vanaf 12 december 2009 speelt M-Labs familievoorstelling De geheime tuin.De repetities zijn nog maar net begonnen, maar nu was er al een presentatie, en showcase. Met gefilmde impressie van MusicalWorld.TV.

 

Deze kerstperiode brengt het M-lab een nieuwe familieproductie, “De Geheime Tuin”, die over drie weken in premiere zal gaan. Creatives Koen van Dijk, Eva K. Mathijssen en Paul de Munnik vertellen over deze voorstelling, en, hoewel nog aan het begin van het repetitieproces, was er eveneens een kleine showcase.

Koen van Dijk:
Het project “De Geheime Tuin” is ontstaan bij M-lab. Wij wilden graag een mooie opvolger voor de Gebroeders Leeuwenhart, die we hier twee jaar achter elkaar hebben gedaan; een mooie familievoorstelling rond kerst. De reden om te kiezen voor De Geheime Tuin is persoonlijk; ik vind het thema van pleegkinderen een heel eigentijds thema..Ik ben zelf betrokken bij   Spirit hier in Amsterdam; pleegkinderen die geplaatst moeten worden bij pleeggezinnen. En bij het herlezen van het hele oude boek “De Geheime Tuin” viel het mij op hoe ontzettend actueel de kern van het boek eigenlijk is: een kind moet veel te vroeg volwassen worden en komt in een wereld waarin iedereen volwassen is, maar zich bijna als een kind gedraagt. Het is de opdracht van het kind om al die volwassenen te vertellen hoe zij zich zouden moeten gedragen. Dat was de aantrekkingskracht van dit project. Dus niet om het ouderwets te vertellen en de nadruk te leggen op dat het rond 1900 geschreven is, maar juist het thema wat nu op dit moment heel erg raakt naar voren brengen.
We hebben eerst Eva benaderd, die anderhalf jaar geleden bij ons 169 huis heeft geschreven, en dat vonden we een enorm geslaagd project.  We wilden heel graag dat Eva iets nieuws voor ons ging schrijven. Samen hebben we Paul benaderd.

Eva K. Mathijssen:
Het begon er dus mee dat Koen mij gevraagd heeft het boek te bewerken. Dus ik het het boek gelezen, met de voorinformatie van Koen dat het ging over een kind dat wees is en opgevangen wordt door een man die niet voor haar kan zorgen. Toen ben ik na gaan denken en wat voor mij uit het boek naar voren sprong is dat het ergste wat een kind kan overkomen is om vergeten te worden. Ik had daarbij het beeld in mijn hoofd van een meisje dat niet wordt opgehaald bij de bassisschool. Dat is voor mij het thema: er zijn drie kinderen in het verhaal en die zijn allemaal vergeten. Dat gaf me ook de gelegenheid om het enorme verhaal van 250 pagina’s te vertellen in 75 a 90 minuten. Ik heb die aspecten uit het verhaal gehaald die mij het meest aanspraken en waarvan ik denk dat kinderen erdoor geraakt zullen worden en waarschijnlijk ook volwassenen. Dit is niet hét verhaal, want dat heeft de schrijfster al verteld. Dit is mijn verhaal over de kinderen die vergeten zijn, met name Marie.
Het oorspronkelijke verhaal gaat over een meisje dat in India is opgegroeid. Ik vond, samen met Koen, dat het een Nederlands verhaal moest worden, dus gaat het nu over een Nederlands meisje dat is opgegroeid in Nederlands Indie. In 1920 is in Nederlands Indië spaanse griep uitgebroken, haar ouders overlijden en zij moet terug naar Den Haag naar het enige familielid wat ze nog heeft en daar komt ze terecht in het kilste huis waar ze ooit is geweest. Ik heb geprobeerd om er ook een aantal thriller- of horrorelementen in te stoppen, omdat het nogal een donker verhaal is. Er zit humor in, maar ook spanning, van “Pas op, achter je.”Dat vind ik heel prettig.

Paul de Munnik:
Ik werd dus door Eva en Koen gevraagd of ik samen met hen hieraan wilde werken. Ik ben coach geweest bij Eva bij 169 Huis.Ik heb hier in het M-lab ook veel dingen gezien en er altijd wel wat over te melden. En dan gaat het vooral over of het me raakt. Als ik een song of muziektheaterlied maak vind ik dat het moet raken; de song moet kloppen Buiten het feit hoe het in het verhaal zit; daar kom je dan later op. Ik ben begonnen met vier momenten in de voorstelling te pakken en daar songs op te schrijven. En die songs komen dan later in andere vorm weer terug. Voor mij is het heel leuk geweest om op deze manier te werken. Om iets zelf te zingen – ik heb het in eerste instantie wel opgenomen – en dat af te geven aan een cast met allemaal verschillende stemmen en daar mijn harmonieën op los te laten en kijken wat er dan gebeurt. Ik ben natuurlijk erg gewend om alles zelf te doen of samen met Thomas Acda.
Het verhaal begin in Indonesië; in eerste instantie hebben we lopen denken of we dan ook de gamelan-achtige muziek moesten nemen, het bamboe gebeuren en fluiten; daar zijn we toen wel vanuit gegaan. Ik schrijf natuurlijk toch op de piano en ik heb ik mijn achterhoofd gehouden dat we er een percussionist bij gaan halen die niet zo zeer Indonesische instrumenten bespeelt maar vanuit onze Westerse benadering op een manier dat wij denken dat Indonesische muziek in elkaar steekt. Zelfs in een poppy liedje zijn de eerste noten dan toch een Indonesische klank. Je zal het misschien niet overal herkennen, maar het zit door alle nummers verweven. Ik heb wel gewoon 12 of 13 songs geschreven en nu gaan we met de percussionist zoeken om te kijken: “Wat klinkt nou te gek”.Welk ritme geeft het nummer die klank dat het een herinnering wordt aan Indonesië, vanuit de Westerse gedachte. Er zijn twee musici: een speelt vleugel en saxofoon. Een saxofoon is natuurlijk helemaal geen Indonesisch instrument, maar door een sopraansax te gebruiken kun je een soort hoge fluit creëren wat je doet denken aan Indonesië. En er is een percussionist met een uitgebreid instrumentarium aan allerhande geluiden.

Koen van Dijk tot slot:
Er is eerder een musicalversie gemaakt van ‘De Geheime Tuin’, maar die is heel erg geschreven vanuit het perspectief van Archibald, de pleegvader. De goede man had 5 soli in de voorstelling. Dat vind ik heel erg jammer van dit verhaal, want ik vind dat de hoofdfiguur van dit verhaal het kleine meisje is. En dat gaan we in deze bewerking doen.

De showcase toont al wel een overeenkomst met De Gebroeders Leeuwenhart. Werden we daar verrast door een totaal andere sound dan wat we van componist Tjeerd Oosterhuis gewend waren, ook hier zitten we niet naar “Acda & De Munnik” te luisteren. Een interessante nieuwe benadering, die ook na het zien van een amateurversie van het schitterende origineel, wel blijft staan als een huis en ook mensen die niet zo enthousiast waren over 169 huis kan boeien.



Fotos
musical musical musical musical musical musical musical musical musical
(foto's zijn te vergroten door ze aan te klikken)