Vorig jaar ontstond enige backlash rond het gedachtegoed van auteur J.K. Rowling. Om de uitspraak van het Britse Hooggerechtshof te vieren dat transvrouwen geen wettige vrouwen zijn, poseerde zij op X met een sigaar en een goed gevuld glas vergezeld van de cynische tekst: “I love it when a plan comes together.” Ondanks het tumult is de populariteit van Harry Potter verre van ingestort. De toch al wat oudere films staan nog immer vooraan op streamer HBO Max, de pretparken in onder andere Londen en Hollywood draaien onverdroten voort en de kaartverkoop voor de Londense sequel heeft na tien jaar nog steeds niet te klagen. En dan kunnen wij vanaf vandaag in eigen land kennismaken met een Nederlandse productie van dit vervolg op de boekenreeks: Harry Potter en het vervloekte kind.
Het verhaal speelt zich negentien jaar na het laatste boek van de reeks af. Harry Potter is volwassen, bijna veertig, en heeft een gezin met vrouw en kinderen. Zoon Albus heeft moeite met de last van het hebben van een beroemde en geprezen vader. Op zoek naar zijn eigen bestaansrecht besluit Albus samen met zijn vriend en schoolgenoot Scorpius met behulp van een tijdmachine te reizen naar het verleden. Alles om een handeling van zijn vader recht te zetten. Maar zoals bijna elk fatsoenlijk sprookje eindigt, is de moraal van het verhaal dat sleutelen aan het verleden – of zoals Amerikanen dat graag noemen: playing God – de boel alleen verergert. En hóé: het heden is veranderd van een vredige gemeenschap met weliswaar een handvol familieconflicten in een grauwe, sombere totalitaire staat met een wrede griezel aan het hoofd.
-HP_Steam_Ears_HPVK26_Dr2-0525_steam_ears_3x2_APPROVED_(C)_Manuel_Harlan.jpg)
Ook al noemt de titel Harry Potter, draait de voorstelling vooral om de vrienden Albus Potter en Scorpius Malfidus. De twee worden gespeeld door Ward van Klinken (Dear Evan Hansen) en Jary Sluijter (40-45) en dat doen zij fenomenaal. Zij brengen dierbare herinneringen terug aan Marty McFly en Doc Brown in Back to the future, de filmclassic uit 1985. Het kersverse, sensationele koppel vult vast en zeker straks een hoofdstuk in de vaderlandse theatergeschiedenisboeken. In ieder geval verdient de casting director die dit gouden duo bij elkaar bracht - niet voor niets is casting sinds dit jaar een aparte categorie - een stevige bonus.
Sluijter is de hystericus van het stel, compleet met overslaande stem en grote gebaren, Van Klinken is de rustige, de denker. Sluijter is de ontdekking van de voorstelling, met een schijnbaar vanzelfsprekend charisma wint hij vanaf het eerste moment de harten van het publiek en krijgt hij regelmatig de lachers op zijn hand. Maar het script heeft hem dan ook een heerlijk en ontwapenend personage cadeau gedaan. Van Klinken haalt met Albus’ rustiger karakter natuurlijk minder lach binnen, maar de goede verstaander zal snel inzien dat op dat podium tussen alle toeters en bellen een fantastisch acteur aan het werk is. Samen zijn zij een overtuigende ondersteuning van de stelling dat één plus één drie is. Overigens, op het eind kunnen we concluderen dat sigaar rokende J.K. Rowling in ieder geval de liefde tussen twee mannen niet onwettig verklaart. Overduidelijk suggereert het stuk dat de twee jongens na hun examen de school hand in hand zullen verlaten, de zonsondergang tegemoet.
-HP_Time_turner_HPVK26_Dr1-0188-1_RT_3x2_V2_press_(C)_Manuel_Harlan.jpg)
Er wordt sowieso uitstekend geacteerd. Carolina Dijkhuizen is met haar benijdenswaardige Nederlandse dictie tot achter in de zaal sowieso al uitstekend verstaanbaar. De zelfverklaarde musicalpensionada geeft een interessante volwassen versie weer van de Hermelien Griffel die we als jong meisje hebben leren kennen. Dick Cohen, die we sinds mensenheugenis al hebben zien acteren in bijvoorbeeld Crazy for you, laat in maar liefst drie rollen (sic) met overmacht zien dat hij nog lang niet over het hoofd gezien mag worden. Valentijn van Hall (Soldaat van Oranje) is Harry Potter. Weliswaar komt zijn Harry er in de eerste akte wat bekaaid van af, maar als in de tweede helft de vader-zoonrelatie een mooi verloop en einde krijgt, komt Van Hall dubbel en dwars tot zijn recht.
Alleen…de manier waarop het verhaal verteld wordt. Allereerst is duidelijk te merken dat deze versie een samenvatting is van wat in Londen nog steeds een tweedelige voorstelling is van rond de drie uur elk. Vooral de eerste akte komt veel te gehaast over. Zo is Scorpius minstens net zo getroebleerd als zijn vriend Albus. Maar het verhaal over zijn moeder en het gerucht rond zijn biologische vader worden nauwelijks fatsoenlijk geïntroduceerd en eerder afgeraffeld. Bezoekers zonder voorkennis van de boeken en de films belanden dan met een behoorlijke achterstand in het verhaal. En doordat de eerste akte bol staat van de verwikkelingen, terminologie en wendingen, zullen deze bezoekers uitgeput het spoor bijster raken. De verbijsterend bedoelde desastreuze opkomst van de dictatoriale staat zien de kenners uitgebeeld met angstaanjagende dementoren, terwijl deze engelen des doods voor de onwetende helft eerder overkomen als doelloos rondzwevende proppen vitrage vergezeld van dreunende, trommelvlies scheurende muziek. Muziek die trouwens nergens doet denken aan de prachtige filmmuziek van John Williams, maar net iets te goedkoop klinkt voor een productie van dit kaliber.
Ten slotte, het verhaalelement van de gebeurtenis in het verleden dat rechtgetrokken moet worden, lijkt rechtstreeks geleend uit Back to the future, de klassieke film over die schattige Marty McFly die met behulp van dorpsgek Doc Brown ook iets in het verleden recht moet zetten met chaos als gevolg. Tientallen jaren later werd van deze film ook een theaterversie gemaakt. En zeg nou zelf, Back to the future is toch een soepeler tijdreisspektakel?
foto’s: Manuel Harlan