Wie net zoals ik aanvankelijk, denkt dat Pippi Langkous tot de geschiedenis behoort, heeft het duidelijk mis. Er lopen deze eerste try-out van de voorstelling in Hoofddorp zelfs kinderen rond met Pippi op hun kleding. Al maakt ze natuurlijk deel uit van de nostalgie van vele generaties. Mensen van mijn leeftijd, die inmiddels opa zijn, kennen de speelfilms of televisieserie. De jongere generatie de tekenfilmserie. En de boeken van Astrid Lindgren zijn nog steeds te koop, bijvoorbeeld bij de merchandise stand van de voorstelling, die ook knuffels aanbiedt.

Omdat we verhinderd zijn op de officiële premièredatum is deze recensie gebaseerd op de ervaring bij de allereerste try-out voor publiek. Een ervaring die dusdanig indruk maakt, dat we de volle hoeveelheid sterren aan deze voorstelling durven geven. Hier en daar is met name in de samenzang nog wel wat groei mogelijk, maar laten we ervan uitgaan dat tijdens de tussenliggende try-outs ook daadwerkelijk gebeurt.

Pippi en de piraten is gebaseerd op het verhaal Pippi in Taka-Tukaland. Tommy en Annika worden door hun vader bij Pippi gebracht waar ze een tijdje zullen verblijven. Pippi heeft een rijke fantasie, en is nergens bang voor, zeker niet voor een nieuwe uitdaging. Als ze wil proberen over water te lopen ziet ze een fles met een brief. Deze blijkt van haar vader, die gevangen zit. De grootvader van Pippi, zeeroverhoofdman Fabian, heeft namelijk een schat verborgen, en piraten Bloed Barend en Messen Jochem willen hem dwingen te vertellen waar deze ligt. Dankzij een glazen bol weet Pippi waar ze moet zijn, in Taka-Tukaland, en gaat ze met Annika en Tommy met een vliegend bed op reddingsmissie.

De vertolking van de rollen is uitstekend. Je herkent de personages meteen. Anouk Snel is die spontane, optimistische meid die alles lijkt te kunnen. Daar blijkt hier dus ook prachtig zingen bij te horen. Tommy (Jarne Stevens) is een wat bangige, terughoudende knul, terwijl Annika (Fee Boddeke) iets minder gereserveerd is. Pippi’s vader (Florian Slangen) lijkt niet de stoere genen van zijn dochter (en vader) te hebben. Hij is een beetje een huilebalk, al weet hij wel de nodige beproevingen te doorstaan. Deze druk wordt op hen uitgevoerd door de piraten Bloed Barend(Sjors Arts) en Messen Jochem (Tobias Bodewitz), een tweetal dat het buskruit niet heeft uitgevonden (maar wel heeft). De cast mag dan iets groter zijn dan gebruikelijk, nog steeds worden ook alle bijrollen door hen gespeeld. Als Pippi zich tussen de piraten begeeft zijn dat er dus ook vijf. Bijrollen die niet alleen maar mensfiguren zijn. Het gebruik van poppen is altijd een sterk punt geweest bij Theater Terra. In dit geval zijn dat het aapje meneer Nilsson en de papegaai Rosalinde, fraaie figuren van de hand van Kathelijne Monnens, die ook het creatieve decorontwerp maakte. Beiden zorgen voor wat extra sjeu. Zeker pestkop Rosalinde zorgt voor de nodige humor.

Hoewel het voor de jongere bezoeker een spannend avontuur is, met name een scene met lichtgevende ogen in het donker, staat de humor toch voorop, Dat is al meteen aan het begin, als er een olifant ter sprake komt en de vader van Tommy en Annika vermanend zegt dat je zo niet over je moeder praat. Maar verder komt deze toch vooral van de piraten, hun gestuntel onderling, en uiteraard in de confrontatie met de gevreesde Pippi. De onderlinge verhouding, waarin Bloed Barend toch het mannetje moet zijn en het fysieke geklungel bijvoorbeeld. Maar zeker ook een slapstick achtervolging, die je zowel aan klassieke zwart-wit films als aan Scooby Doo kunnen laten denken.

Niet alleen de cast is groter dan we gewend zijn, ook het decor en de mogelijkheden zijn dat. De overgangen zijn soepel, mede door het gebruik van het heerlijke lied over Pippi’s volledige naam, dat (naast als opening) tijdens deze wissels wordt gebruikt. Zo aanstekelijk, dat je bijna nog meer grootse decorwissels wil. Fons Merkies en Laurens Goedhart tekenen voor de liedjes, die allemaal raak zijn. Vaak uptempo vrolijk, maar ook het Pippi en ik/Pappa en ik-lied aan het slot is erg sterk.
Het is niet alleen de nostalgie, die deze voorstelling net zo leuk voor de ouderen in de zaal maakt als voor de jongere doelgroep, maar er zitten ook een paar grappen in het script van Sjors Arts, die vooral de volwassenen zullen aanspreken. Namaak-Zweeds sprekende piraten, leuk voor kinderen, maar de link naar de herkomst van de schrijfster zal lang niet iedereen maken. En dan is er ook die ene knipoog naar Soldaat van Oranje, helemaal aan het eind, waarvan ik me afvraag hoe veel mensen in het publiek die zelfde link leggen.

Het mag duidelijk zijn: Pippi en de Piraten is een feest voor jong en oud, te zien in Nederland en België (precies de thuislanden van de castleden). Tot slot wel een stukje verwachtingsmanagement: wie een uitvoering verwacht van het iconische ‘drie maal drie is zes’ moet deze bijstellen. Die zit er niet (als zodanig) in. Waarschijnlijk houdt dit verband met het verbod op deze tekst door de ervan van de schrijfster. Erven die er ook voor zorgen dat het (getekende) beeld van Pippi over de hele wereld nu hetzelfde is.
Pippi en de Piraten is te zien tot begin mei 2027.