Alice in Wonderland is een merkwaardig verhaal, vooral bekend door de Disney tekenfilm en de verfilming door Tim Burton. Theater Terra geeft een eigen draai aan het verhaal, zonder de bekende figuren geweld aan te doen.

Alice loopt met haar ouders door een museum. Haar moeder vindt de schilderijen wanstaltig, haar vader stimuleert het als ze bij Alice de fantasie opwekken. Hier maken we voor het eerst kennis met een witte stresskip, eh, konijn, die in enkele schilderijen verschijnt en verdwijnt. Het zal de kenners van het verhaal niet verbazen dat hij nog steeds overal te laat denkt te komen. Het zijn ook deuren in het museum, waaronder een kleintje, die Alice uiteindelijk in Wonderland doen belanden. Niet zonder moeite, want ze verdrinkt zelfs bijna in haar eigen tranen; een scène die fraai in miniatuur is vormgegeven. In het vreemde land maakt ze kennis met de warrige Twiedeldum en Twiedeldie. De twee mannetjes, die wat op stuiterballen lijken en ook zo bewegen, schofferen haar en haar jurk op geestige wijze toch behoorlijk. Ze zorgen er wel voor dat Alice op zoek gaat naar Absolem, en dat ze weet van de dreiging van de Hartenkoningin, het Larieloeder en een voorspelling, waarin zij als redder van het land wordt gezien. De coole, waterpijpende rups Absolem verwijst haar weer verder naar drie vrienden in het bos: de Hoedenmaker en zijn gezelschap. Aan het hof laat hare onaangenaamheid, de Hartenkoningin, zich van haar theatraalste kant zien, waarbij Ferdinand, de dodo-bediende, doorgaans de klos is. Je hebt het al snel met hem te doen.

Na een ietwat lange aanloop richting Wonderland is de stoet aan vreemde figuren een waar genot om te aanschouwen. Met Melle Berendse, Wesley de Ridder en Sjors Arts zitten er drie acteurs in de cast die het spelen van rare snoeshanen volledig beheersen. De poppen, zoals altijd gemaakt door Kathelijne Monnens, zijn werkelijk schitterend. Een mooie vondst is de kat, die uit drie delen bestaat, en ondanks dat een groot gedeelte van het lijf ontbreekt, toch tot leven komt. In deze wonderlijke wereld is Nikita Willemsen de ‘gewone’ Alice, die over een voorspelling hoort waarin zij het land redt, maar te onzeker is om daarin te geloven. Ze is hiermee een mooi ijkpunt voor het publiek in de zaal.

Haar vijand, de Hartenkoningin, is in de uitvoering van Sjors Arts, geestig en toch ook wel beangstigend, al ligt de balans toch vooral op het eerste. Dat zorgt er bijvoorbeeld voor dat er in de zaal wat kinderen zijn, die niet naar haar luisteren als zij de opdracht krijgen stil te zijn. Al is het voor de cast hard werken om alle personages te spelen, speelsheid voert de boventoon. De moeder, die zich achter een grote hoed verschuilt, en als ze van richting verandert, ook haar hoed meedraait. Het is maar een klein grapje, waar er veel van inzitten. Sowieso is de voorstelling leuk voor jong en oud, en niet alleen maar vanwege eventueel jeugdsentiment. En wat ook heel prettig is, het wordt nergens ordinair.

De liedjes van Hilmar Leujes kunnen slechts deels beklijven. Vooral Alice moet het met wat minder aansprekend materiaal doen; een behoorlijk contrast met de leuke, vreemde songs, die haar tegenspelers hebben. Met name het theelied van de Hoedenmaker is erg aanstekelijk.

Fantasie of werkelijkheid: de gelijkenis tussen moeder en hartenkoningin en toch ook wel vader en de Hoedenmaker laat de balans wat doorslaan naar het eerste. Maar, moeder heeft ook het konijn gezien, en hoe komt Alice na afloop aan het horloge. Het zal wel een vraag blijven, zoals het originele verhaal ook vol vraagtekens zit. In ieder geval was dit avontuur voor Alice een stukje coming-of-age, waarin ze toch moedig blijkt te zijn, als ze haar fantasie gebruikt. Een fijne boodschap, verpakt in een bijzonder fraaie omlijsting.
Scènefoto’s: Marc Bos
Overige foto’s: Musicalworld




